Weseper Erfgoed Timmer Arends

Enkele leden van het Weseper Erfgoed gaan winkeliers en andere middenstanders, die ooit in Wesepe hun brood verdienden onder de loep nemen. Het blijkt dat er, in het nog vrij recente verleden, een behoorlijk winkelaanbod was in het kleine dorpje Wesepe. (Zie lijst) Om dit verleden en deze activiteiten vast te leggen, hebben we besloten dit op beeld, geluidsdrager en in geschrift vast te leggen voordat het verloren gaat.

 

Weseper-Erfgoed-Timmer-Arends-1Als eerste in de rij van de middenstanders zijn we (Dolf van der Linden en Hans Toorneman) op dinsdag 22 april 2008 bij de familie Timmer Arends aan de Raalterweg 61 op bezoek geweest om de geschiedenis van de schoenmakerij van de heer en mevrouw Timmer Arends onder de loep te gaan nemen.

 

In 1947 was op de plaats, waar nu de garage van het schildersbedrijf van Van Gelder is, een houten schuur. In deze schuur was de schoenmakerij de heer Kappert gevestigd. Daar werkten destijds twee schoenmakers Harrie Benérink en Pim van Zadelhoff. 

 

Bats Timmer Arends, toen nog een schooljongen , was na schooltijd vaak in de schuur bij deze mannen te vinden. Hij bleek interesse en aanleg te hebben voor het vak , want op aanraden van de twee jonge schoenmakers is Bats Timmer Arends toen begonnen aan een vakopleiding voor schoenmaker.
Na enige tijd vertrok Pim van Zadelhoff om elders te gaan werken en Bats leerde toen als zestienjarige jongen de beginselen van het schoenmakersvak van Harrie Benérink..

 

In 1947 werd Harrie Benérink ziek. Hij kreeg tbc, een toen nog veel voorkomende ziekte in Nederland. Harrie moest naar zijn moeder in Tubbergen om te kuren en Bats Timmer Arends besloot om alleen verder te gaan in de schoenmakerij van Kappert. Een hele verantwoording voor een jongen van 17 jaar. Na een jaar kwam Harrie terug. Deze terugkomst bleek echter van korte duur te zijn. Harrie vertrok al spoedig van Wesepe naar Heerde.

 

Het pand van Kappert werd vervolgens overgenomen door Johan Willemsen, die er een textiel – en woninginrichtingbedrijf vestigde. Bats is toen met zijn schoenmakerij in een houten keet getrokken aan de Raalterweg naast het toenmalige pand van Dika Wevers.

 

Weseper-Erfgoed-Timmer-Arends-2Bats trouwde en samen met zijn vrouw kochten ze het huis aan de Raalterweg 61. De achterkamer werd ingericht als schoenmakerij. Dat was een hele vooruitgang. Hier werden de schoenen van menig Wesepenaar gerepareerd en van nieuwe zolen voorzien.

 

Ook voor reparatie van paardentuigen, leren tassen en koffers kon men bij Timmer Arends terecht. Als het leer van de paardentuigen soms zo was verhard, dat het niet meer te bewerken was, werd dat verholpen door het een tijdje in een emmer lauw water te leggen. Hierdoor werd het leer weer zacht en soepel en kon Timmer Arends het tuig repareren.

Pikdraad om het leer vast te kunnen naaien, werd ook zelf gemaakt van hennep en pek. De draad werd op het bovenbeen op een peklap in elkaar gedraaid en ingesmeerd met pek. De draad moest aan het einde dun toelopen om er een borstelhaar van een wildzwijn aan vast te kunnen draaien. Zo”n borstelhaar van een wild zwijn is scherp, sterk en buigzaam en fungeerde als naald.

 

De zaken gingen goed en in 1960 werd het pand uitgebreid. Een heuse schoenenwinkel kon worden geopend. Een grote reclame-laars werd buiten op de hoek geplaatst om de aandacht van voorbijgangers op de nieuwe winkel te vestigen. 

 

Mevrouw Timmer Arends verzorgde de inkoop van nieuwe schoenen en kousen. De vertegenwoordigers kwamen en deden hun uiterste best om hun artikelen te verkopen. Soms was de hele winkel gevuld met hun geopende koffers met koopwaar. Verstandig inkopen was geboden. Ook de schoenen, die gerepareerd moesten worden ,werden door haar ingenomen.

 

Weseper-Erfgoed-Timmer-Arends-3Ze kon na verloop van tijd precies beoordelen, hoe lang een reparatie zou gaan duren, zodat een afspraak met de klant kon worden gemaakt wanneer deze de gerepareerde schoenen weer op kon halen . Er waren veel echt trouwe klanten.

 

Het leer voor nieuwe schoenen en voor reparaties kocht Bats zelf bij de grossier in Deventer. Daar waren twee leerhandelaren gevestigd. Daar zocht Bats steeds de beste soorten leer uit om de klandizie in Wesepe tevreden te kunnen stellen. Runderleer van jonge koeien, zonder brandvlekken of beschadingen, zacht bazaanleer van schapenhuid voor de voering van schoenen . Alles was handwerk. Ook de meest specialistische reparaties werden verricht, zoals de schoenen van een pater van Sion met maat 65 ! Je kon er volgens Bats Timmer Arends een babywiegje in opmaken. Of de schoenen van een boer in de omgeving met maat 52.

 

Ondanks al deze inspanningen bleek de vooruitgang echter ook hier zijn tol te gaan eisen. Veel Wesepenaren kregen een auto en gingen winkelen in de nabij gelegen grotere plaatsen zoals Deventer, Raalte , Apeldoorn en Zwolle.

Om met de tijd mee te gaan, moest het aantal artikelen steeds groter en diverser worden. Een trend die niet te volgen was voor een schoenenwinkel in het kleine dorpje Wesepe. Om de teruggang in inkomsten op te vangen en om eigen baas te kunnen blijven, werd Bats er pedicure bij. Een nieuwe wereld ging voor hem open. Bijna alle voeten uit Wesepe heeft hij onder handen gehad.

 

Zo werd hij eens geroepen bij een man, die zijn hele leven op klompen had gelopen en nooit zijn voeten had verzorgd . De teennagels waren om de tenen heen onder de voet doorgegroeid tot aan de hakken.!

 

Weseper-Erfgoed-Timmer-Arends-4Ook andere voetgebreken, vaak tengevolge van slechte verzorging heeft hij vaak verholpen. Ondanks deze uitbreiding bleek het toch moeilijk om aan voldoende inkomsten te komen en Bats besloot om naast de schoenmakerij in de fabriek te gaan werken. Hij begon in de ploegendienst. Eerst bij Hevea in Raalte en later bij de Diepdruk in Deventer. Een druk bestaan van werken, eten en slapen. Zondagsavonds om negen uur vertrok hij soms al.

Na 29 jaar vonden Bats en zijn vrouw het welletjes. Volgens Bats moet een mens dan op tijd zijn schaamte opzij zetten en de winkel werd gesloten.

 

Namens “Het Weseper Erfgoed”, Hans Toorneman en Dolf van der Linden met medewerking van het echtpaar Timmer-Arends.



< Ga terug