De geschiedenis van de Weseper Brandweer

verteld aan de hand van herinneringen van AntonKoopman.

 

weseper-brandweer-1In 1874 wordt er al melding gemaakt van de aanwezigheid van een slangbrandspuit in Wesepe. In Olst waren er toentertijd twee en in Welsum ook één. Voor de bediening waren zo”n twintig mensen nodig. Bij ernstige calamiteiten, kon men rekenen op extra hulp vanuit Olst, die dan met paardentractie moest overkomen! 

 

Men was erg afhankelijk van waterputten, burenhulp en andere hulpmiddelen, zoals ladders, wateremmers en dergelijke. Tot na de oorlog heeft men in Wesepe een aantal canvas wateremmers op voorraad gehad, die dan in een lange rij doorgegeven werden. Bij de pompen moet men denken aan handpompen van het type, dat al in de 17e eeuw was uitgevonden door de gebroeders van der Heijden!

 

Een vergelijkbaar exemplaar staat nu nog onder de dorpstoren in Wijhe. Alle mannelijke inwoners van Wesepe waren in principe verplicht deel uit te maken van de brandweer. Uitzonderingen werden alleen gemaakt voor bijv. dominee, onderwijzer of spoorwegbeambten vanwege hun onmisbaarheid!
Na een renovatie van het materieel in Olst in 1916 kregen ze daar een echte motorspuit.

 

De afdanker van daar, een vierkant oud houten geval, dezelfde als in Wijhe toendertijd, kwam naar Wesepe.
De mensen moesten na waarschuwing door een boodschapper of het luiden van de kerkklok op eigen gelegenheid naar het verzamelpunt of naar de brand, als die dichterbij was. Vaak achtervolgd door moeder de vrouw met de pekjas of andere uitrustingstukken! Meestal werd ook een paard meegenomen om de spuit te trekken. Men had geluk als er een sloot of vijver in de buurt was om water op te pompen. Vaak waren buren en andere omstanders al bezig have en vee te redden uit woningen en stallen. Veel hing natuurlijk af van eigen initiatieven!

 

Later werden er door de gemeente meer verordeningen ingevoerd met betrekking tot waterputten, uitrusting en opslag. Er moet ergens in de tuin van Henk Smit aan de Scholtensweg ook nog zo”n waterput zitten, vertelt Koopman.

 

Koopman vertelt verder, dat de brandweerlieden met hun pekjassen vaak na de brand aan de stoelen bleven plakken, omdat de pek door de hitte gesmolten was. Wat betreft het luiden van de brandklok herinnert hij zich nog een verhaal van “Batsie de Mollenpikker”, een bekende zwerver uit deze streek. Batsie was opgesloten onder de toren van de kerk vanwege dronkenschap(spiritus) en landloperij door veldwachter Hofman. Toen Batsie zijn roes had uitgeslapen en honger kreeg, probeerde hij zijn bewaker te roepen. Omdat hij geen gehoor kreeg, heeft hij de enige stoel die in zijn cachot stond, in stukken geslagen en met een lange poot het klokkentouw door de tralies naar zich toe getrokken. Hij is toen de klok maar gaan luiden! Omdat er niets was gemeld van een trouwerij of begrafenis, stond even later de voltallige brandweer aangetreden voor de kerk!

 

Batsie werd door de veldwachter naar Veenhuizen gebracht!

 

De oude brandspuit uit Olst, die in de jaren 30 van de vorige eeuw in Wesepe een plaatsje had gekregen, moest natuurlijk een ordentelijke stalling hebben vlak bij het verzamelpunt en het café. Het oog viel op de ruimte onder de klokkentoren. Maar het logge apparaat bleek een stukje te hoog voor de kerkingang. Wie wist raad?

 

In overleg met de kerkenraad werd besloten sleuven te hakken in de drempel van de toren, zodat het geval net naar binnen kon!

 

Koopman begon zijn carrière in het midden van de jaren vijftig, onder commandant Sletterink, met o.a Tone Meekes, Reint Jansen, Jo ten Broeke, Jan de Bone, Rechterschot de slager, Jan middeldorp (Westerik), Jan Middeldorp (de Brouwer), Jan de Jong, Frederik Meuleman, Herman Abrahams en Gerrit niemijer.

 

Inmiddels was met behulp van een inzamelingsactie van de bevolking van Wesepe in1954 een pompauto aangeschaft, die werd geparkeerd in de garage van Tone Meekes. Maar die ervoer zoveel overlast van alle toestanden, die oefenen en uitrukken met zich meebrachten, dat hij de hele brandweer op een kwade dag,” de straat op donderde”, hij bedankte voor de brandweer, aldus Koopman!

 

Het vehikel, een oude legertruck van “onze bevrijders”, plus de materialen van de manschappen werden toen ondergebracht in een gedeelte van de oude school naast café Dieperink, waar men op de bovenverdieping de slangen kon uitrollen en drogen. Ook werd daar op het dak een sirene geplaatst.

 

Het onderhoud van de wagen met “rechtshandig” stuur, werd opgedragen aan Koopman, die de chauffeur was. De wagen had ook nog “dubbelkluts” versnelling . Om te zorgen dat de truck ieder moment kon uitrukken, moest de motor vooral tijdens de winterdag, regelmatig warmdraaien en werd de stalling ook vorstvrij gehouden met een soort verwarmingssysteem!

 

Gerrit Brinks was als monteur een goede hulp bij het startklaar houden van de wagen!

 

Met de spuitinstallatie werd regelmatig geoefend door bijvoorbeeld bij een boer het erf of een modderachtige weg schoon te spuiten. Ook bij hak- of breekwerk verleende de brandweer soms nuttige diensten! Afgezien van de commandant en technicus/ chauffeur, waren er geen “rangen”, bij de brandweer. Wel was men nu officieel in dienst van de gemeente Olst, die ook voorzag in de middelen en regelgeving. De uniformen waren veiliger dan voorheen, maar zoals de foto laat zien, nog wel een beetje ”bromsnorachtig”! Wethouder Bertus Grootentraast wil Koopman zeker met name genoemd hebben, als iemand die in de jaren vijftig heel veel voor de brandweer hier gedaan heeft. Hij was een echte “aanjager”!

 

weseper-brandweer-3Op de foto uit die tijd zijn de volgende personen te zien: V.l.n.r.:
Jan Meuleman- Gerrit Niemijer- Herman de Jong- Arend Jalink- Jan ten Have- Gerrit Brinks en Jan Meuleman.
En zittend: Gerrit de Jong- Herman Krukkeland- Henk Harmsen- Gerrit Middeldorp- Gerard Smeenk en Anton Koopman.

 

Koopman herinnert zich nog een paar grote branden in de jaren 60 waarbij zij zijn ingezet. Dat waren de brand van de hoeve Scherpenzeel en de grote brand bij de “Olba” in Olst, waarbij ook korpsen uit buurgemeenten assisteerden! Problemen waren vaak de waterdruk en bereikbaarheid. Ook de watervoorraad was soms niet toereikend. De oude tankwagen had “maar” 1500 liter aan boord en moest soms snel naar de oude melkfabriek rijden om nieuwe voorraad te halen.
De leeftijd voor het afzwaaien was in de jaren zeventig nog 55 jaar. Nu is dat verhoogd naar 60, maar er zijn regelmatig beroepskeuringen.
De gevolgen van een brand zijn vaak erg traumatisch voor slachtoffers (vaak bekenden) en hulpverleners. Dat werd ondervangen door samen napraten onder leiding van de commandant in de kazerne.

 

weseper-brandweer-4Steeds vaker moet de brandweer uitrukken bij verkeersongevallen, waarbij eventueel ook Slachtofferhulp nazorg kan bieden. Ook opdringerige pers kan tot commotie en irritatie leiden. Dit was bijvoorbeeld het geval bij het ongeluk met dodelijke slachtoffers, dat plaats vond in de bocht na de stoplichten richting Raalte. Daarbij was zelfs landelijke televisie aanwezig, die als persmuskieten op afstand gehouden moesten worden, aldus Koopman.

 

Sinds de jaren ”80 zijn er veel vernieuwingen doorgevoerd wat betreft huisvesting, uitrusting en alarmering. Er waren nu overal in het dorp aansluitingen op de waterleiding. Men had met een nieuwe brandweerwagen inmiddels zijn intrek genomen in de nieuwe garage bij de gymzaal. Ook de brandweerwagen was voorzien van de nieuwste technieken wat betreft spuitmateriaal, gereedschappen en andere uitrusting, zoals een hydraulische schaar voor hulp bij auto-ongelukken.
De persoonlijke uitrusting was verbeterd met betere kleding, helmen en eventueel perslucht.

 

Ook door cursussen, speciale trainingen en keuringen blijft men bij de tijd. Men moet daarbij denken aan: omgaan met gevaarlijke stoffen, werken met perslucht, E.H.B.O., reanimatie en brandpreventie. Tegenwoordig werkt men met “piepers” en stil alarm bij calamiteiten. Dat voorkomt verwarring en onnodige onrust en men kan sneller uitrukken. Door deelname aan wedstrijden en samenwerking met andere korpsen blijft men goed op de hoogte van elkaars kunnen en functioneren.
In 2010 is aan de Eikenweg de architektonisch zeer fraaie, nieuwe kazerne in gebruik genomen. Dit gebouw is van alle moderne gemakken voorzien en een aanwinst in het Weseper landschap!

 

weseper-brandweer-5Ondanks alle moderne middelen en perfectie blijft de Weseper brandweer een bedrijf van moedige en gemotiveerde vrijwilligers, die willen klaarstaan en aanpakken, waar en wanneer dat nodig is! Dat geeft ons toch als burger een veilig en prettig gevoel!

 

Namens het “Weseper Erfgoed”, Hans Toorneman en Dolf v.d. Linden.
met medewerking van: Anton Koopman en Jan Middeldorp.



< Ga terug